“Misschien vragen ze straks iets wat ik niet kan.”
Monique* zei het bijna terloops. Ze is 45 jaar en heeft een indrukwekkende loopbaan achter de rug. Ze was teamleider Klantenservice bij een grote woningcorporatie en ook daarvoor had ze interessante functies gehad. Met mooie resultaten en inmiddels een stevige dosis vakkennis. Toch zat ze tegenover mij met een groeiend gevoel van onzekerheid. Door een reorganisatie was ze haar baan kwijtgeraakt. Sindsdien was ze actief aan het solliciteren. Maar zonder succes.
Waarom word ik steeds afgewezen?
Tijdens ons gesprek vertelde Monique dat ze vooral solliciteerde op functies die onder haar niveau lagen. Functies met minder verantwoordelijkheid. Minder complexiteit. En vaak ook een lager salaris. Toch werd ze steeds afgewezen. Werkgevers gaven vaak dezelfde reactie: “We vragen ons af of deze functie voldoende bij je past”. Of: “We zijn bang dat je je snel zult vervelen.” Dat frustreerde haar enorm. Want ze wilde juist graag werken. Hoe meer ik doorvroeg, hoe duidelijker werd dat er iets anders speelde.
De angst achter de keuze
Ik vroeg haar waarom ze niet solliciteerde op functies die beter aansloten bij haar ervaring. Haar antwoord was: Ik ben bang dat ik mezelf niet kan waarmaken. Daar zat de kern. Niet een gebrek aan ervaring. Niet een gebrek aan mogelijkheden. Maar een overtuiging. De overtuiging dat ze misschien tekort zou schieten. Dat ze verwachtingen niet zou kunnen waarmaken. Dat anderen zouden ontdekken dat ze minder kon dan wat en hoe ze zich presenteerde. En dus deed ze iets wat veel mensen doen. Ze maakte zichzelf kleiner. Ze koos voor veiligheid. Voor functies waarvan ze zeker wist dat ze ze aankon. Maar daardoor ontstond een nieuw probleem. De functies boden te weinig uitdaging. Het salarisniveau paste niet bij haar situatie. En werkgevers zagen iemand die veel meer kon dan de functie vroeg.
De automatische piloot van overtuigingen
Wat ik interessant vind aan overtuigingen, is dat ze vaak ongemerkt ons gedrag sturen. Ze werken als een soort automatische piloot. Zonder dat je het merkt, bepalen ze:
En vaak behandelen we overtuigingen alsof het feiten zijn. Terwijl het meestal interpretaties zijn. Verhalen die we onszelf vertellen.
De overtuiging ontmantelen
Daarom gingen we samen onderzoeken: Is deze gedachte eigenlijk wel waar? We namen haar gedachte onder de loep: “Ik ben bang dat ik mezelf niet kan waarmaken.” Ik stelde haar een aantal vragen. Waar baseer je dat op? Welke bewijzen heb je daarvoor? En misschien nog belangrijker: Wat kost deze overtuiging je? Langzaam begon er iets te verschuiven. Ze zag dat deze gedachte haar niet beschermde. Integendeel. De overtuiging hield haar klein. Daardoor liep ze kansen mis. En verloor ze steeds meer vertrouwen. Terwijl er eigenlijk weinig bewijs was dat ze tekort zou schieten.
Bewijs
Toen vroeg ik haar welke gedachte haar beter zou helpen. Na een tijdje nadenken zei ze: Ik kan meer dan ik denk. Het viel me op dat ze rechterop ging zitten. Haar stem veranderde. Er kwam energie in haar houding. Alsof ze zichzelf ineens anders zag. En vrijwel direct dacht ze aan een situatie van een paar weken eerder. Ze had een presentatie moeten geven voor een grote groep. Ze had er enorm tegenop gezien. Was zenuwachtig geweest. Twijfelde aan zichzelf. Maar uiteindelijk had ze het gedaan. En goed ook. De presentatie was een succes. Ze had complimenten gekregen. En ze was trots op zichzelf. Dat moment werd belangrijk. Want ineens had ze bewijs. Bewijs dat haar nieuwe overtuiging klopte.
Waarom complimenten soms niet binnenkomen
Aan het einde van ons gesprek zei Monique iets dat me bijbleef. Ik krijg eigenlijk best vaak complimenten over mijn werk. Even bleef het stil. Toen vervolgde ze: Maar ik laat ze nooit echt binnenkomen. Ze lachte. Ik wuif ze meestal weg. En precies daar zit vaak de uitdaging. Veel mensen verzamelen moeiteloos bewijs voor hun tekortkomingen. Maar het bewijs van hun kwaliteiten laten ze nauwelijks toe. Complimenten worden weggewuifd. Successen worden gebagatelliseerd. Moeilijke prestaties worden afgedaan met: “Dat was gewoon geluk.” Of: “Dat stelde niet zoveel voor.” Terwijl juist die ervaringen laten zien wat je werkelijk kunt.
Wat als je jezelf eens zou geloven?
Dit verhaal wilde ik graag vertellen omdat Monique niet werd tegengehouden door een gebrek aan talent, maar door een gebrek aan vertrouwen in haar eigen talent. Ze zag vooral wat ze nog niet kon, niet wat ze al had bewezen. Monique kwam binnen met de overtuiging: “Ik ben bang dat ik mezelf niet kan waarmaken.” Met deze overtuiging begrensde ze haar mogelijkheden. Ze vertrok met een andere gedachte: “Ik kan meer dan ik denk.” En misschien is dat wel een vraag die we onszelf allemaal af en toe mogen stellen. “Wat als ik meer kan dan ik denk?” Voor mezelf herken ik deze valkuil in ieder geval maar al te goed!
Het bewijs kwam later
O ja, Monique vond trouwens een nieuwe baan. Een mooie, passende functie als teamleider van het bestuurssecretariaat bij een grote gemeente. Later vertelde ze me dat de burgemeester (die ik zelf alleen uit de media kende) haar regelmatig als sparringpartner gebruikte voor allerlei vraagstukken. Een mooier bewijs van haar nieuwe overtuiging kon ze bijna niet krijgen: Ik kan meer dan ik denk!
*Namen, herkenbare details en omstandigheden zijn aangepast om de privacy van mijn coachees te waarborgen.
Dit was blog 4 van de serie ‘21 jaar coaching | 21 verhalen‘.
Volgende week verschijnt deel 5: ‘De rotonde‘, over een levensbepalende keuze en eindeloos rondjes blijven draaien.
Bekijk hier het blogoverzicht.